Is het moeilijk een waterontharder zelf te installeren?

Een klusser die ervaring heeft met het werken met waterleidingen is zeker in staat zelf een waterontharder te installeren. De leveranciers voorzien hun modellen van voldoende installatie instructies om dit klusje zelf uit te voeren. Een prof kan dit klusje in twee uur klaren, een doe-het-zelver zal een zondagje er mee bezig zijn. Neem hier even rustig de tijd voor.

Voorbereiding

De voorbereiding start natuurlijk met het kiezen van de beste waterontharder die voldoet aan je eisen. Een mooi startpunt hiervoor is het introductie artikel over waterontharders. Ook hebben we een handige kieswijzer die je het kiezen makkelijker maakt. Voordat je hem koopt overtuig je ervan of de afmetingen van de waterontharder passen in de ruimte waar je hem wil plaatsen. Dat zal meestal de meterkast of waterput zijn. Bedenk je vooral dat je gemakkelijk bij het apparaat moet kunnen omdat je om de paar weken even naar het onthardingszout moet kijken. Ook zal een stopcontact in de buurt moeten zitten als je waterontharder hebt gekozen die op 230 Volt elektriciteit werkt.

Vraag aan de leverancier of je een waterafvoer meegeleverd krijgt met "air gap". De waterafvoer van het apparaat mag namelijk nooit rechtstreeks in contact staan met de riolering. Hiervoor zijn speciale adapters die een gat laten tussen het uiteinde van de slang en de rioolaansluiting. Vervuiling en microben uit het riool mogen natuurlijk nooit via de afvoerleiding het apparaat in kunnen komen.

Installatie

Start met het installeren van een bypass. Deze zorgt er voor dat wat er ook gebeurd je altijd de waterontharder uit kan schakelen en door de bypass te openen het leidingwater direct je huis in kan laten stromen. Laat na de installatie van de bypass het water even goed doorstromen (dus niet door de waterontharder) om eventueel vuil van zagen en vijlen niet in de waterontharder te laten komen.

Overweeg tevens het installeren van een terugstroombeveiliging type CA.

Doe je zelf een plezier en koop een waterhardheid setje, bij sterke voorkeur die met druppeltjes reagens werkt (dus niet de indicatiestroken die veel te grof zijn). Hierdoor kan je de hardheid van je leidingwater meten. Dat is noodzakelijk omdat je jouw waterhardheid moet instellen op de waterontharder. Tevens kan je achteraf de werking van de waterontharder controleren.

Hoewel niet verplicht, is het slim om voor de waterontharder een sedimentfilter te installeren die de grote vuildeeltjes filtert zoals zand, kleine en roestdeeltjes. Dit voorkomt dat dit in de waterontharder komt te zitten en daar de boel gaat verstoppen of erger nog, tussen bepaalde kleppen komt.

De waterontharder heeft twee afvoerleidingen, voor het spoelwater en voor het overloopje van het zoutvat. Beide leidingen horen op het riool aangesloten te worden die voorzien is van een sifon en een luchtscheiding van minimaal twee maar liefst vier centimeter of meer.

Nadat de waterontharder is geïnstalleerd zullen de eerste tientallen tot honderden liters water (mogelijk) flink gekleurd zijn. Deze kleurstof komt van de kunsthars bolletjes uit de onthardingscilinder en is een normaal verschijnsel. Laat de kraan openstaan tot het water normaal gekleurd is.

Na de installatie

Als je de instructies van de fabrikant volgt zal in de meeste gevallen het water totaal onthard worden. De vraag is of je dit wil. Op veel waterontharders is een mengventiel aangebracht waarmee je de resthardheid kan instellen. Geheel onthard water staat ter discussie en het kan geen kwaad om dit niet te negeren. Het blijft een eigen overweging maar een resthardheid van 4 ┬░dH is te overwegen.


Foutje, aanvulling of vraag? Gebruik het reactie formulier.
wij gebruiken cookies
dat accepteer ik
meer informatie