Hoe ontstaat hard water?

ketelsteen - kalksteen - calcium carbonaat
kalksteen / ketelsteen / calcium carbonaat

Hard water ontstaat in de natuur. Water in regenwolken heeft lang in contact gestaan met de atmosfeer. In de atmosfeer zit niet alleen het voor ons zo belangrijke zuurstof maar onder andere ook kooldioxide (CO2), tegenwoordig zelfs meer dan vroeger door het verbranden van fossiele brandstoffen.

De regendruppels reageren met het CO2 en daardoor wordt een (licht) koolzuur gevormd (genoemd naar de opname van kooldioxide in het water). Dit is hetzelfde zure water wat in frisdranken zit alleen een stuk minder sterk. Vandaar de term zure regen. De zure regen valt uiteindelijk op de aarde en zakt dan door verschillende lagen in de aardkorst. Wanneer het zure regenwater door aardlagen met kalk (calcium carbonaat en/of magnesium carbonaat) spoelt* gaat het regenwater een reactie aan met de kalk en/of magnesium. Dan ontstaat calcium­waterstof­carbonaat en/of een magnesium­waterstof­carbonaat oplossing.

De kalk en/of magnesium zijn dus door het zure water opgelost en dan is sprake van hard water. Hoe meer calcium en magnesium in het water zijn opgelost, hoe harder het water is.

Tijdens het verwarmen van water (of opdrogen) ontstaat calcium carbonaat ook bekend als kalksteen of ketelsteen. Dat is een wit grauwe stof en is zichtbaar op verwarmingselementen maar ook bijvoorbeeld in de douche nadat hard water is verdampt.

* dit geld ook voor regenwater in de rivieren wat in contact komt met gesteente waar zich ook deels calcium in bevindt. Regenwater in rivieren is dus ook hard water.


Foutje of aanvulling? Gebruik het reactieformulier.

 

wij gebruiken cookies
dat accepteer ik
meer informatie